Ruud In gesprek met ...

Andreas Zapatinas de ontwerper van onze barchetta:

In 1999 waren Jolande en ik bij een internationale meeting in de omgeving van Alba. Deze meeting werd georganiseerd door Annarita, Marco en Stefano. Tot ieders grote verbazing bleken enkele grote namen uit de barchetta wereld deze meeting bij te wonen. Niet alleen waren er 2 prototypes, de Dedica, waar ik zelfs een stukje in gereden heb, en de Monotipo. Maar ook waren Andreas Zapatinas en Peter Davis aanwezig. Tijdens deze meeting was ik in de gelegenheid “Zap” een aantal vragen te stellen, al bleek hij liever over mijn werk als meubeldesigner te praten dan over zijn eigen werk.

Zo vroeg ik hem waarom er op een barchetta die geheel en al uit ronde belijningen bestaat een rechthoekig logo op de voorzijde prijkt.
Het antwoord was to the point...
Telkens als het designteam een prototype inleverde zat er een klassiek rond logo op en even zo vaak moest het van management verwijderd worden. Dit alles vanwege te hoge kosten, omdat op dat moment alle Fiat’s het hoekige logo hadden. Hierna ging het gesprek meteen weer richting meubels want hij vroeg me hoe ga jij er mee om als je “baas” of klant het niet eens is met je eerste design? Ik heb geluk zei ik, als ik kan leven met de wijziging doe ik het, als het me niet bevalt doe ik het niet en wijs de klant in de richting van onze concurrenten... We hebben het toch drukker dan we aankunnen ;-)

Op de vraag welke velgen “Zap” zelf het mooist vindt antwoordde hij:
De standaard velgen, deze zijn zo mooi klassiek van lijn dat het lijkt alsof er geen velg zal zijn die dit kan overtreffen. Marketing technisch gezien is het uiteraard voor een autofabrikant slim om accessoires te leveren dus werden er toch enkele lichtmetalen velgen ontworpen. Ik blijf echter bij mijn voorkeur voor de standaard stalen velgen.

Vind je niet dat het geluid van de barchetta iets volwassener had mogen klinken?
Inderdaad, het is tegenwoordig met alle milieu wetgevingen en dergelijke niet meer te doen om een auto met een relatief kleine motor een mooi vol geluid te geven. En ook hier komt de after market weer om de hoek kijken, in tegenstelling tot in de meubelindustrie is het zo dat auto eigenaren altijd een stukje van hun eigen identitiet aan hun auto willen geven en dat kan bij uitstek door velgen, sportuitlaten enz enz.
Hierna ging het gesprek steeds meer over meubels, interieur stijlen en dergelijke. Ik kwam echter in enkele automagazines nog wat interviews met Zap tegen. Hieronder lees je enkele interessante vragen die de verschillende journalisten aan hem stelden.

Hoe raakte je in eerste instantie geïnteresseerd in het ontwerpen van auto’s?
Ik was me als klein kind al bewust van auto’s, als klein kind waren auto’s iets bijzonders, zeg maar opwindends. Auto’s zitten vol emoties, vol met kleuren en de kracht van de motoren! Toen ik vier of vijf jaar oud was wist ik al wat welke auto was. Mijn vader had een Citroën DS, echt een typische auto. Toen ik wat ouder was begon ik ze te tekenen, en na te denken over interieurs, niet lang daarna begon ik hele productielijnen te schetsen. Ik verzon mijn eigen autofabriek en mijn concurrenten; ik ging er echt helemaal in op. Ik verzon een hele wereld, mijn fantasie ging echt met me op de loop. Auto’s ontwerp ik eigenlijk nog steeds zo; ik stort mezelf echt voor de volle 100% op zo’n project, ik sluit mezelf volkomen af voor de buitenwereld, ik voel me echt één met de auto die ik ontwerp. Althans tijdens het begin van het ontwerp, de geboorte van het model als het ware. Het uiteindelijke design komt over het algemeen voort uit een mengsel van intuitie, het magische moment wanneer een design je als het ware electrocuteert, en het samen werken met de rest van het team. Dat magische gevoel kan alleen ontstaan wanneer eerst gedegen onderzoek gedaan hebt.

In het verleden leunde Alfo Romeo eigenlijk grotendeels op externe ontwerpers...
Inderdaad we werkten veel met andere bureaus, maar tegenwoordig wordt er steeds meer intern ontworpen door het centro stilo. Het productieproces is dusdanig gecompliceerd geworden dat het verstandiger is om alles onder één dak te houden. Het traject van ontwerptafel tot productie is zo onvoorstelbaar complex dat het echt enkele jaren duurt voordat een design daadwerkelijk geproduceerd kan worden. Dat is eigenlijk het grootste verschil met laten we zeggen 30 jaar geleden, de gegroeide complexiteit van het geheel. Dertig jaar geleden waren de auto’s net zo mooi of lelijk als nu, maar als je kijkt naar het interieur van een dertig jaar oude auto zul je meteen de eenvoud ervan zien. Ze waren veel eenvoudiger, hadden veel minder mechanismen. Deze gegroeide complexiteit maakt het bijna onmogelijk om nog met externe ontwerpers te werken. Tevens is het vandaag de dag zo dat het ontwerp strategisch en marketing technisch veel meer doordacht wordt dan vroeger. Mensen identificeren zich tegenwoordig nog veel meer met een bepaald merk en image dan vroeger.

Hoe zou je de strategie van bijvoorbeeld Alfa willen omschrijven?
Gelukkig is Alfa één van de weinige bedrijven die een rijke historie hebben, dit zorgt automatisch voor een bepaalde identiteit, schept verwachtingen en geeft de auto’s als het ware een stukje persoonlijkheid. Het doel is om deze “erfenis” te behouden. Alfa Romeos zijn tegenwoordig een mengsel van respect voor het verleden en moderne techniek, en zitten vol innovatieve technieken. Uiteindelijk getuigt het van respect voor je voorgangers als je altijd probeert hen te verbeteren terwijl je blijft knipogen naar bepaalde “geniale” details uit datzelfde verleden.

Kun je kort weergeven waar het huidige Alfa design voor staat?
Alfa staat voor het ontwerpen van innovatieve auto’s zonder het verleden uit het oog te verliezen. De uiteindelijke auto moet een brug slaan tussen verleden, heden en toekomst. We spreken in het Italiaans over: “Sportivita Evoluta”.

Kun je dat vertalen met: Geëvolueerde sportiviteit?
Bijna ja, mijn favoriete voorbeeld is de huidige 156 Sportwagon, de auto werd geïntroduceerd op de Torino Motorshow in 2000. Het is geen traditionele stationwagon maar een combinatie van stijl en kracht, een sportieve coupé maar dan met de ruimte, flexibiliteit en veelzijdigheid van een stationwagon. Een auto die ontworpen is voor de eisen van vrouwen en mannen uit het derde millenium. Vanuit puur design-oogpunt is hij geëvolueerd uit de 156, de lijnen daarvan zie je vooral aan de voorzijde nog duidelijk herkenbaar terugkomen.

Heeft FIAT veel invloed, en zal dit enige impact hebben op het typische Alfa design?
Eigenlijk lijkt het alsof we helemaal zelfstandig zijn, er is geen dagelijkse interactie. We werken 100% afzonderlijk van elkaar, wij weten niet wat zij doen en zij weten niet wat wij doen. Eigenlijk vindt het meeste overleg op het persoonlijke vlak plaats, ik heb vrienden die bij Fiat werken, maar dat heeft geen invloed op het zakelijke vlak.

Wat was je eerste eigen auto?
Ik woonde in de Verenigde Staten toen ik 16 werd en mijn rijbewijs haalde in 1977. Ik was op zoek naar een Alfa Romeo in Buffalo, New York, eigenlijk zocht ik een Alfetta , ik dacht dat ik die wel goedkoop zou kunnen vinden tweedehands. Maar in werkelijkheid bleek die onvindbaar, dus nam ik genoegen met een BMW 2002 . Na anderhalf jaar bleek dat ik er te veel voor betaald had: de auto was één en al roest.

En wat rij je tegenwoordig?
Een rode Fiat barchetta , een stukje persoonlijke geschiedenis, weet je. Ik heb ook nog een Alfa 156 en soms rij ik in andere Alfa’s, een 166 of de nieuwe 147, het is één van de manieren om op te hoogte te blijven van wat er binnen het bedrijf speelt.

 

 

 

Is er een Alfa ontwerp dat je favoriet is, klassiek of modern?
Dat zijn er veel, ik zou er niet één kunnen noemen, het wisselt van dag tot dag, van gemoedstoestand tot gemoedstoestand. Deze vraag wordt me altijd gesteld, en telkens weer kraken mijn hersenen, welke is het??? Later realiseerde ik mezelf het is er niet één, het zijn er vele! Ik ga bijvoorbeeld naar een Concours d’Elegance en zie daar een 8c uit de dertiger jaren en: “ohhhhhhhhhhhhh”. De volgende dag ga ik naar het museum en zie de Disco Volante en weer: “ohhhhhhhhhhhhh”. Ik zie veel show-auto’s uit de sixties, de eerste Montreal, de Giulia super sedan enz.; elk model heeft iets unieks! Mijn huidige favoriet is de Sportwagon , deze auto is compact en herbergt vele sportieve elementen. Hij heeft een gebeeldhouwde lijn met vele klassieke stijlelementen, onder andere details vanuit de Duetto. Maar alles is gekneed tot een nieuw geheel: alles is net even anders dan vroeger.

Wil je ook een interview lezen met Peter Davis klik dan hier.


Heeft u opmerkingen en/of suggesties mail dan naar Ruud